Het BHIC in Grave zit nu vijf jaar aan de Arnoud van Gelderweg 73 in Grave. In het kader van het lustrum verzorgt Leny van Lieshout drie maanden iedere maandag een blog over bijzondere archiefstukken. Vandaag deel twee.
Op de hoek van de Markt en de
Scheerestraat in Grave staat het huis De Grenadier. In 1653 woonde er Roelof
van Steenhuijs. Aan de buitenkant van zijn huis had hij een wapen hangen van de
familie Van Steenhuijs, hetzelfde als dat van de adellijke tak, de Van
Steenhuijzen heren van Oploo: een rode ring met daarboven een rode keper.
Op 18
januari 1653 liet een jonker uit die tak het wapen voorzien van een ijzeren
balkje: Roeloff zou uit een bastaardtak zijn en zou dus een balk (het ijzeren
plaatje) in zijn wapen moeten voeren. Er zijn in het archief Walter-Malingrez in
het BHIC stukken bewaard gebleven van procedures, die over deze kwestie hebben
gewoed.

Het bijzondere is, dat Roeloff en zijn directe familie ten behoeve van
die procedures vier prachtige heraldische tekeningen hebben laten maken van
ruitjes met gebrandschilderde wapens in twee Graafse huizen (in de Maasstraat
en de Gasthuisstraat) en in het adellijk huis in Oploo. In het archief zijn die
tekeningen bewaard, evenals enkele verklaringen van getuigen
die zeiden dat de familie waaruit Roelof voortkwam bestond uit louter nette,
zelfs gezeten mensen en dat hij wel degelijk aan de goede kant van het bed was
geboren. Of dat waar was en hoe het afliep, weten we niet. De genealogie Van
Steenhuijs is een labyrint waaruit tot nu toe niemand de uitgang heeft
gevonden.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten